VAS

VAS schaal of visueel analoge schaal

Wat is VAS?

De visueel analoge schaal (VAS) is een lijnstuk van 10 cm lengte waarop men een subjectief gevoel of een mening kan uitdrukken op een continuüm. De VAS schaal is het meest bekend in pijnonderzoek, waar de patiënt aanduidt op het lijnstuk hoeveel pijn hij ervaart. Daarbij staat het ene uiteinde voor geen pijn en het andere uiteinde voor de ergst denkbare pijn.

Hoe werkt de VAS schaal?

De schaal maakt het mogelijk om een kwalitatief gevoel om te zetten in een kwantitatieve score. De proefpersoon plaatst daarvoor een markering op het lijnstuk van 0 tot 10 cm. Het aantal mm waarop deze markering wordt geplaatst, bepaalt de score. Hoe hoger de score, hoe groter het ongemak. Het is aan de onderzoeker om gerichte vragen te formuleren en de uiteinden van het continuüm te benoemen.

Sterk punt

De VAS schaal komt het meest tot zijn recht wanneer de scores van eenzelfde persoon worden vergeleken in de tijd. Men bevraagt bijvoorbeeld voor en na een ergonomische interventie de pijnscore aan de werknemers. Wanneer de pijnklachten duidelijk meer afnemen ten opzichte van de controlegroep (zonder interventie), kan men concluderen dat de ergonomische interventie subjectief beter wordt ervaren. Gelijkaardig kunnen producten onderling vergeleken worden. Wanneer product 1 een lagere pijnscore geeft dan product 2, is de subjectieve voorkeur duidelijk.

Zwak punt

Eventuele kritiek op de VAS schaal gaat in de richting dat men de puntenscores niet tussen groepen kan vergelijken. Iedereen beoordeelt pijn immers anders. Een hoge score in het ene onderzoek, kan een heel andere score opleveren in het andere onderzoek. De beginwaarden van een interventie- en controlegroep dient ook gelijkwaardig te zijn om conclusies te kunnen trekken.