Langdurig staan

Langdurig staan kan aanleiding geven tot een aantal gezondheidsklachten. Het gaat voornamelijk om lage rugklachten, vermoeidheid in de benen, nachtelijke beenkrampen,… Er is een duidelijk verband tussen de tijd die men staat en de symptomen. De oplossingen moeten er op gericht zijn deze statische belasting te doorbreken en mogelijkheden tot herstel te creëren.

Risico-evaluatie langdurig staan

De wetgeving rond werk- en rustzitplaatsen voorziet bij langdurig staan dat er zittende pauzes zijn of dat het werk zittend kan gebeuren. In een risicoanalyse dient men daarom de duur en intensiteit te beoordelen. De Arborichtlijnen (AI8 blad) geven hier een praktische invulling aan. Er is een verhoogd risico op overbelasting wanneer de werknemers langer dan 1 uur na elkaar moeten staan en in totaal meer dan 4 uur per dag. Onder “staan” wordt begrepen dat de werknemer op een vierkante meter blijft staan.

Langdurig staan

Bij een verhoogd risico zijn preventiemaatregelen noodzakelijk. Deze richten zich op drie doelen: het langdurig staan verminderen, het staan verlichten en de houding optimaliseren.

Preventiemaatregelen

– Pauzes

Bij een verhoogd risico verplicht de wetgeving pauzes : een kwartier in de eerste helft en een kwartier in de tweede helft van de shift. Tijdens deze pauzes moeten de werknemers kunnen zitten. Toch zijn meerdere kleine pauzes voordeliger op vlak van vermoeidheid dan één lange onderbreking. Interessanter zou zijn deze 15 minuten te verdelen over drie pauzes van 10 minuten.

– Zittende of zit/sta werkplek

Een andere optie in de wetgeving is te zorgen dat het werk zitten kan gebeuren. De keuze voor een zittend of staand werken hangt af van de dynamiek, aard van het werk en de afwisseling. Bij statisch en licht werk, is een zittende werkplek aanbevolen. De beenruimte onder het werkvlak dient daarbij voldoende groot te zijn (minimum 75 cm hoog en 60 cm diep). Een zit/sta werkplek laat afwisseling toe tussen zittend en staand werken. De medewerker zit daarbij op een hoge stoel aan een staande werkhoogte.

– Voetensteun

Een voetensteun bestaat uit een verhoog waarop men afwisselend een voet kan plaatsen. De verandering van lichaamshouding betekent telkens een andere belasting op de rug. Door de buiging in de heup zullen de spieren in de lies meer ontspannen. Voor werksituaties is een verhoog van 20 cm en een lichte hellingshoek (15°) aanbevolen. De oppervlakte dient minimaal 35 x 45 cm te zijn. Bedoeling is afwisselend te staan op beide voeten, met linker voet op het verhoog en dan met de rechter voet erop, enz… Een variant hierop is een voetenbaar.

– Stasteun of zadelstoel

Een stasteun heeft zin wanneer zittend werk niet mogelijk of wanneer en niet voldoende beenruimte is bij een zit-sta werkplek. Een stasteun ondersteunt tot 60% van het lichaamsgewicht. Hierdoor vermindert de hydrostatische druk in de benen en blijft de doorbloeding in de benen intact.  Aandachtspunt is wel dat de optimale werkhoogte bij een stasteun 10 cm lager ligt vergeleken met staand werken.

De zadelstoel komt het best tot zijn recht bij verstelbare werkhoogtes zoals kappersstoel, tandartsstoel, operatietafel, strijktafel, tekentafel,… Een zadelstoel is eveneens een oplossing voor een zittende werkplek met onvoldoende plaats voor de benen. Een rugleuning vermindert de belasting op de rug nog wat meer. De werkhoogte ligt wel een stuk lager dan bij staand werk.

– Stamatten

De stamat of anti-vermoeidheidsmat is een kunststof mat, waarvan het oppervlak geprofileerd is met kleine bubbeltjes. De mat is zacht en onder invloed van het lichaamsgewicht kan deze inveren. Hierdoor neemt het pompeffect van de kuitspieren toe. De meeste studies vinden een positieve invloed terug van zachte vloermatten. Het subjectief ervaren comfort in de lage rug en onderste ledematen is immers hoger. Het vermoeidheidsgevoel is daarentegen juist minder.

– Zachte inlegzolen

Het gebruik van zachte inlegzolen vergroot het comfort tijdens staand werk. Enerzijds moet de binnenzool de voetgewelven goed ondersteunen, anderzijds dient de buitenzool schokabsorberend en anti-slip te zijn. Schoenen met een zachte zool leiden tot half zoveel zwelling van de voeten. De krachten bij de hiellanding worden daarbij ook gehalveerd. Best neemt men de schoen één maat te groot om zwelling van de voet tijdens het langdurig staan toe te laten.

– Steunkousen

Steunkousen kunnen helpen bij klachten van vermoeide benen. De kousen voorkomen immers zwelling van de voeten. Het bloed krijgt niet de kans om in de benen op te stapelen, het wordt steeds terug richting hart gepompt. Steunkousen uit de lichte en milde compressieklasse blijken reeds efficiënt te zijn op het werk. Voor mensen die de hele dag werken in een statische houding (zitten of staan) zijn de elastische kousen met lichte druk aanbevolen. Voor medewerkers met specifieke klachten zijn de kousen van de milde drukklasse zinvol.

– Hoogte werkvlak

Een goede werkhoogte laat toe om met een rechte rug staand te werken. Bij werknemers van verschillende lichaamslengte is een in hoogte verstelbaar werkvlak ideaal. Een verstelbereik van tenminste 20 cm is dan noodzakelijk. Indien er geen verstelbare werkhoogte mogelijk is, neemt men best een gemiddelde hoogte. De richtlijn voor een vaste werkhoogte is 102 cm verminderd met de hoogte van de werkstukken. Dit komt overeen met 10 cm onder de ellebogen van de gemiddelde  werknemer.

– Diepte werkblad

Naast een goede werkhoogte speelt de reikafstand een bepalende rol voor de werkhouding. Handelingen die continu uitgevoerd worden (> 10x/min) gebeuren dan best binnen een zone van 30 cm tot het lichaam. Dit is namelijk op voorarmlengte afstand zodat de armen ontspannen naast het lichaam kunnen blijven hangen. Frequent uitgevoerde handelingen (2-10x/min) zijn aanvaardbaar tot op een reikafstand van 45 cm. Weinig frequente activiteiten (<2x/min) kunnen nog steeds met een rechte rug mogelijk met een reikafstand tot 60 cm van het lichaam. Met een goede hoogte van het werkblad moeten de armen niet te hoog geheven worden.

– Voetruimte en steunvlak dijen

Om dicht genoeg tegen het werkvlak te gaan aanstaan, is er voldoende voetenruimte nodig onder het werkvlak: minstens 15 cm hoog en diep. Op deze manier moet er niet onnodig ver gereikt worden. Om het vooroverbuigen in de rug zo klein mogelijk te houden, is het belangrijk dat de werknemers tegen de band aan kunnen steunen/leunen. Indien nodig, zal een zacht oppervlak dit toelaten op een comfortabele manier.