ISO 11226 : Statische werkhoudingen
Langdurig
eenzelfde slechte werkhouding aannemen leiden tot pijn en
vermoeidheid. Deze ISO norm toont een manier om de belasting
van statische werkhoudingen te beoordelen. In een eerste stap
wordt steeds naar de gewrichtshoek gekeken of deze aanvaardbaar
is voor bijna alle gezonde volwassenen. Dit brengt de belasting
van de passieve structuren in kaart. In de tweede stap wordt
ook de duur bekeken dat eenzelfde houding wordt volgehouden,
wat een maat voor spierwerk is. Deze waarde komt overeen met
20% van de volhoudduur of een pijnscore 2 op een visueel analoge
schaal (0-10). Elke inspanning moet gevolgd worden door een
even lang herstel.
Romp
De
rompbuiging wordt gemeten als de hoek tussen de verticale
en een lijn door de trochanter major en C7 (zevende halswervel).
De werkhouding wordt uitgedrukt ten opzichte van referentiehouding
(neutrale positie).
| Rompbuiging |
Duur |
| < 0°
(extensie) |
OK, mits volledige
steun |
| 0 - 20° |
OK |
| 20
- 60° |
- 20°
: max. 4 minuten
- 30°
: max. 3'15
- 40°
: max. 2'30
- 50°
: max. 1'45
- 60°
: max. 1'
|
| > 60° |
niet aanvaardbaar |
| Symmetrisch |
OK |
| Geen kyphose
in zit |
OK |
Hoofd
De
inclinatie van het hoofd is de hoek tussen de verticale en
een lijn door de ooghoek en oorlel. Het verschil tussen de
referentie- en werkhouding wordt gescoord. De nekbuiging is
het verschil tussen de rompbuiging en hoofdinclinatie, of
de hoek tussen het hoofd en de romp. Bijvoorbeeld: de romp
staat in rust (referentiehouding) 4° voorwaarts ten opzichte
van de verticale en het hoofd 71°. De referentie voor
de nekbuiging is dan 67°.
| Hoofdinclinatie |
Duur |
| < 0°
(extensie) |
OK, mits volledige
steun |
| 0 - 25° |
OK |
| 25
- 85° |
- 25°
: max. 8minuten
- 35°
: max. 6'50
- 45°
: max. 5'40
- 55°
: max. 4'30
- 65°
: max. 3'20
- 75°
: max. 2"10
- 85°
: max. 1'
|
| > 85° |
niet aanvaardbaar |
| Symmetrisch |
OK |
| Nekbuiging |
Duur |
| < 0°
(extensie) |
niet aanvaardbaar |
| 0 - 25° |
OK
|
| >
25 |
- niet aanvaardbaar
|
Schouders
Abductie
wordt gemeten tussen de verticale en de lijn door de gewrichten
acromion-clavicula en humerus-radius. De zijwaartse beweging
van de bovenarm tijdens de werkhouding wordt vergeleken met
de referentiehouding.
| Abductie |
Duur |
| 0 - 20° |
OK |
| 20
- 60° |
OK met ondersteuning |
| 20
- 60° |
- Zonder
onersteuning:
- . 20°
: 3'
- . 30°
: 2'30
- . 40°
: 2'
- . 50°
: 1'30
- . 60°
: 1'
|
| > 60° |
niet aanvaardbaar |
Extensie,
adductie
Extreme exorotatie |
niet aanvaardbaar |
Voorarm
en handen
| Houding |
| Geen extreme
flexie/extensie elleboog |
| Geen
extreme pronatie/supinatie |
| Geen
extreme polshoudingen |
Variatie
is het sleutelwoord om de fysieke en mentale belasting te
doorbreken. Voorbeelden zijn afwisseling in taken, cyclusduur,
moeilijkheidsgraad en voldoende autonomie, sociaal contact
en leermogelijkheden.
EN1335
(bureaustoel)
- EN527
(computertafel)
- EN1729
(schoolmeubilair)
- EN
12464
(verlichting)
-
EN1116
(keuken)
- EN
1005 (fysieke belasting) - ISO
11226
(statisch)
- ISO
11228 (manueel lasten)